KAW nieuwe NRP-partner: ‘We hebben nog nooit iets op de lege groene wei gebouwd.’
De meeste woningen staan er al, werken met het bestaande: er is vanuit veel kanten steeds meer aandacht voor de bestaande gebouwde omgeving. Niets nieuws voor de nieuwe NRP-partner en architectenbureau KAW. Het bureau bouwt al 50 jaar lang uitsluitend in de bestaande stad. Of zoals architect, algemeen directeur en partner Reimar von Meding het samenvat: ‘We hebben nog nooit iets op de lege groene wei gebouwd.’ Hoe kijkt KAW naar de opgaven van deze tijd en verder weg? En hoe krijg je mensen mee als je aan het pionieren bent?
Op 1 mei 1976, de Dag van de Arbeid, werd in Groningen de Koöperatieve Architecten Werkplaats, kortweg KAW opgericht. Een groep architecten die in een tijd van woningnood en leegstand (ook toen al) hielp om panden legaal bewoonbaar te maken. Daarbij was het motto: staar je niet blind op een ruimtelijke oplossing, maar kijk naar de mens en diens omgeving.
Artikel gaat verder onder de foto.
Foto hierboven: KAW Architecten anno 1979.
Plannen in de wijk, niet achter de tekentafel
Die sociale, activistische en pragmatische inborst klinkt nog altijd door in de visie van het bureau, waar Reimar von Meding momenteel algemeen directeur is: ‘Al decennialang werken we in het sociale domein. Daarbij ligt de nadruk echt op sociaal. Hoe kunnen we bijvoorbeeld zorg- en welzijnsmiddelen op de juiste plek krijgen om mensen te helpen uit armoede te komen? En wat voor rol speelt omgeving daarin? Met elkaar proberen we plannen in de wijk te maken, in plaats van achter de tekentafel. We belichten een vraagstuk niet alleen vanuit stedenbouwkundig oogpunt, maar van allerlei hoeken. Zo hebben we ook collega’s met een expertise in sociologie of kunstgeschiedenis. De gemene deler is dat we altijd kijken naar hoe een bestaande omgeving eruit ziet.’
Artikel gaat verder onder de foto
Foto hierboven: Team KAW
Renovatie en erfgoed: een lachertje
Dat laatste voelt in deze tijd logisch en noodzakelijk, maar zo is het niet altijd geweest. Reimar lacht: ‘Tijdens mijn opleiding eind jaren ‘90 volgde ik ook een renovatie- en heritagemodule aan de TU. Daar ben ik toen best om uitgelachen, dat deed je gewoon niet. De focus lag op maken, onze hele planologie was en is daar tot op de dag van vandaag op ingericht. Terwijl: het geld is er om het anders te doen, maar dat vraagt om een behoorlijke systeemverandering en het bedenken van nieuwe formules.’
Toenemende aandacht uit verschillende hoeken
Desondanks is Reimar positief over de toenemende aandacht en noodzaak van renovatie en transformatie: ‘We merken dat werken met het bestaande langzaam doorsijpelt bij alle instituten. Zo hebben we onze visie gepresenteerd bij de Tweede Kamercommissie, en is deze gebruikt om beleid te maken. Of neem bijvoorbeeld woningcorporaties. Zij zaten heel lang klem en mochten en konden weinig. We hebben onderzocht hoe een corporatie binnen het eigen bezit tot toevoeging van woonruimte kan komen. Daarmee krijgt zo’n corporatie middelen om zelf iets te kunnen doen.’ KAW leidde een groot aantal projecten waarin woningcorporaties en gemeenten inzicht kregen in kansrijke opgaven. In de Amsterdamse Deysselbuurt zijn 120 woningen gerenoveerd. De omgeving, met portiekflats, veel plinten en garageboxen zijn hersteld met begrip voor cultuurhistorie. Tegelijkertijd zijn er binnen het bestaande casco 30% meer woningen gerealiseerd. Reimar: ‘Dit laat zien hoe ongelooflijk kansrijk de bestaande bouw is.’
Artikel gaat verder onder de foto
Foto hierboven: garageboxen in de Amsterdamse Deysselbuurt
Optop-, aanplak- en splitshype
Met het toenemen van aandacht voor de bestaande stad, valt Reimar iets op. ‘Het verhaal wordt soms te kort door de bocht verteld.’ Als voorbeeld noemt hij de optop- en aanplakhype, die te ver is doorgeschoten. ‘Het is gek, ik verzet me de laatste tijd tegen optoppen terwijl ik eigenlijk voor ben. Vooropgesteld: ik ben een groot voorstander van het uitbreiden van bestaande gebouwen. Maar kijk dan eerst naar hoe een gebied er stedenbouwkundig uit kan komen te zien. Optoppen en aanplakken worden steeds meer ingezet als quick fix, het is een doel geworden in plaats van een middel. Daarmee haal je de toekomstwaarde van een wijk onderuit.’
Hetzelfde ziet Reimar bij het splitsen van woningen. ‘Ik vind het goed dat dit op de agenda staat. Maar vaak wordt er eerst nagedacht over het splitsen, en komen vervolgens de bewoners in opstand. Laten we het omdraaien en het van binnenuit organiseren. Dit jaar hebben wij voor een woningcorporatie eerst in de buurt opgehaald wat er speelt en wie er al op zoek is naar een ander type woning. Toen pas hebben we met de corporatie en de gemeente een proces ingericht.’
‘Behoud en hergebruik moet de focus zijn. Slopen en nieuwbouw een laatste redmiddel.’
Reimar von Meding, architect, algemeen directeur en partner KAW
Ruimte voor wonen en voor natuur: niet of-of maar en-en
Momenteel zet KAW zich in voor een onderwerp dat nog verre van een hype is: het verbeteren van de natuurinclusiviteit en biodiversiteit. Reimar: ‘Het is een onderwerp dat eigenlijk voor geen enkele stakeholder van direct belang is, en daarmee ook weinig interesse wekt. Ook lijkt het alsof ruimte toevoegen om te wonen en ruimte voor natuur niet met elkaar verenigbaar zijn. Dat is het wel. Veel bestaande wijken hebben een overschot aan bestrating en verharding. Als je dat herindeelt, valt er veel ruimte tussenuit die natuurinclusief kan worden ingericht. In Vlaardingen bijvoorbeeld hebben we in een wijk 300 extra woningen weten te realiseren én 5000 m2 extra aan groene natuur.’
Artikel gaat verder onder de tekening
Tekening hierboven: MUWI Vlaardingen
Daadwerkelijke verandering door het maken van voorbeelden
Om daadwerkelijk te veranderen, moet je niet bang zijn de boel een beetje op te schudden en je eigen pad te bewandelen. Tegelijkertijd kun je je werk niet los zien van de sector, politiek en andere maatschappelijke ontwikkelingen. Hoe gaat KAW daarmee om? ‘We blijven voorbeelden maken, in de wijk, op basis van gedegen onderzoek maar en met de bestaande omgeving als uitgangspunt. Behoud en hergebruik moet de focus zijn. Slopen en nieuwbouw een laatste redmiddel.’
Foto Reimar von Meding bij citaat door Willem de Kam